Je hebt de wet overtreden en bijvoorbeeld iets vernield, iets gestolen of overlast veroorzaakt. Een opsporingsambtenaar (meestal een politieagent) heeft je laten kiezen: naar Halt of naar de officier van justitie.
Wanneer krijg je een Halt-afdoening?
- je bent minstens 12 jaar en maximaal 17 jaar oud;
- je hebt een zogenaamd Halt-delict gepleegd (zie ook: De Halt-afdoening / Wetten en registratie);
- je bekent dat je het delict hebt gepleegd;
- je bent maximaal twee keer eerder bij Halt geweest;
- je wilt naar Halt worden verwezen.
Er zijn een paar uitzonderingen. Bijvoorbeeld:
- je bent 18 tot 21 jaar oud en je zat in een groep met anderen die jonger waren dan 18 jaar toen je het delict pleegde;
- je bent aangehouden voor iets dat erg lijkt op een Halt-delict;
- je ontkent dat je schuldig bent om religieuze of culturele redenen maar je wilt wel naar Halt.
De officier van justitie moet in zulke gevallen toestemming geven.
Naar Halt
Jij bent zelf verantwoordelijk voor je daden. Bij Halt krijg je de kans om recht te zetten wat je verkeerd hebt gedaan. Als jij zorgt dat je Halt-afdoening goed verloopt dan krijg je geen zogenaamd strafblad.
Startgesprek
In totaal ga je drie keer naar Halt. Voor het eerste gesprek kom je samen met je ouder(s). We bespreken dan wat er is gebeurd en waarom.
Daarna maakt Halt met jou en je ouders afspraken over hoe jij je fout gaat herstellen en kunt leren om voortaan uit de problemen te blijven.
Misschien heb je iets strafbaars gedaan omdat je problemen hebt. Halt praat daarom ook met je over thuis, je school, je vrienden en je vrijetijdsbesteding. Als blijkt dat er problemen zijn, brengt Halt jou en je ouders in contact met een organisatie die kan helpen om de problemen op te lossen.
Excuus aanbieden
Het is belangrijk dat je probeert recht te zetten wat er is gebeurd. Je gaat excuus aanbieden aan degene die last van jou heeft gehad, de benadeelde.
Excuus aanbieden is niet altijd gemakkelijk. Je begint daarom met het schrijven van een excuusbrief.
Schade herstellen
Als je iets hebt gestolen dan moet je het teruggeven. En als je iets hebt vernield, moet je zorgen dat het gerepareerd wordt. Kun je dat niet zelf? Dan doet een bedrijf dat maar jij moet wel zelf de rekening betalen.
Halt bepaalt de hoogte van de schade die jij moet vergoeden en vertelt hoe je dit bedrag moet gaan terugbetalen aan de benadeelde.
Leeropdracht
Om te leren van wat je fout hebt gedaan en hoe je dit voortaan kunt voorkomen, krijg je een leeropdracht. Je gaat bijvoorbeeld een werkstuk maken over wat er is gebeurd of een speciale voorlichting volgen en daar een verslag over schrijven.
Werkopdracht
Soms krijg je ook een werkopdracht. Je gaat dan bijvoorbeeld klusjes doen voor de benadeelde of voor een andere organisatie.
Tweede gesprek
In dit gesprek praat Halt met je over de leeropdracht die je hebt gemaakt en oefen je het excuusgesprek. Hier zijn je ouders niet bij. Daarna ga je samen met je ouders of iemand van Halt excuus aanbieden aan de benadeelde.
Eindgesprek
Als voorbereiding op het laatste gesprek krijgen jij en je ouders allebei een vragenlijst. Die nemen jullie ingevuld mee naar Halt. In dit gesprek bespreekt Halt met jou en je ouders hoe het is gegaan. Heb jij je aan de afspraken gehouden? Begrijp je waarom je dit soort fouten niet meer moet maken? Weet je wat je moet doen als je weer in een lastige situatie terecht komt? Is het allemaal goed gegaan dan wordt jouw zaak door de opsporingsambtenaar ‘geseponeerd’. Daarmee is jouw Halt-afdoening klaar.
Toch naar de officier van justitie?
Soms mislukt een Halt-afdoening. Als jij je niet aan de afspraken houdt, te laat komt of je niet goed inzet, kan Halt stoppen met jouw zaak. Halt adviseert de opsporingsambtenaar dan om jouw proces-verbaal naar de officier van justitie door te sturen. De officier kan je een zwaardere straf geven en meestal krijg je ook een ‘strafblad’.